Natuurgeneeskunde
Natuurgeneeskunde is een geneeswijze die uitgaat van het principe dat de mens een eenheid vormt op fysiek, mentaal en psychisch niveau; een holistische benadering.Natuurgeneeskunde is een zeer diepgaande en veelomvattende methode van genezen die gebaseerd is op het besef dat het menselijk lichaam over een zelfhelend vermogen beschikt. Als je in je vingers snijdt, heelt het wondje immers vanzelf. Dit is het natuurlijke vermogen van het lichaam om zichzelf te genezen, ook wel het zelfhelend vermogen genoemd. Ieder mens beschikt over dit zelfhelend vermogen. De natuurgeneeskunde gebruikt dit zelfhelend vermogen om ziekten te genezen.
Het
zelfhelend vermogen werkt namelijk niet altijd even effectief. Bij
chronische klachten lukt het het zelfhelend vermogen niet om het
lichaam te genezen. Dit kan zijn om dat het immuunsysteem verzwakt is of
omdat er een blokkade in de weg staat. Het lichaam zoekt dan een nieuwe
balans en gaat de klacht zien als niet oplosbaar.
De westerse natuurgeneeskunde baseert
zich op de leer der humores van Hippokrates van Kos, waarbij ook
gekeken
wordt
naar gezonde eet- en drinkgewoonten, het
belang van frisse lucht en beweging en een natuurlijk verloop van
processen in het
lichaam. Fytotherapie wordt gebruikt om de balans tussen de
lichaamssappen (bloed, gele gal, zwarte gal en slijm) te herstellen.
Fyto therapieFytotherapie, behandeling met planten, in de volksmond kruidengeneeskunde genoemd, is het behandelen van gezondheidsklachten en ziekten met plantaardige middelen waarvan men een medicinaal effect veronderstelt. Het is daarmee niet noodzakelijkerwijs een alternatieve geneeswijze, maar kan als voorloper van de moderne farmacologie gezien worden. In de fytotherapie gebruikte plantaardige middelen heten fytotherapeutica. Een algemeen aanvaarde definitie van fytotherapeutica luidt: "Geneesmiddelen die als actieve ingrediënten uitsluitend planten, delen van planten of plantenmaterialen of combinaties daarvan bevatten, in ruwe of bewerkte staat." Tot voor kort waren heel wat kruidenmiddelen nog onvoldoende in kaart gebracht; de laatste decennia worden deze systematisch geëvalueerd op hun positieve of negatieve medische effecten en veiligheid. Wanneer kruidenmiddelen de toets van de dubbelblind-methode uit de evidence based medicine doorstaan en bovendien voldoen aan de gestelde veiligheidsnormen, dan worden deze als elk ander geneesmiddel opgenomen in de standaard geneeskunde. |
Wie was Hippocrates?
Hippocrates van Kos leefde ca. 460 v.Chr. en was een Griekse arts. Hij wordt beschouwd als de grondlegger, de 'vader' van de geneeskunde omdat hij als eerste natuurlijke in plaats van bovennatuurlijke oorzaken als oorzaak van ziekte zag. Hij was een van de eersten die op basis van lichamelijke symptomen een diagnose kon stellen en daarbij een bepaalde therapie voorschreef. Hij haalde dus de geneeskunde uit de taboesfeer van tovenarij en godsdienst.
Een van de grote verdiensten van Hippocrates is dat hij de medische wetenschap scheidde van het heersende natuurfilosofisch denken. Hij legde sterke nadruk op hygiëne, zowel voor arts als patiënt, op gezonde eet- en drinkgewoonten, het belang van frisse lucht en een natuurlijk verloop van processen in het lichaam.
Hij was ervan overtuigd dat gezondheid bij de mens afhing van de balans tussen lichaamssappen; onbalans zou ziekte veroorzaken. Dit wordt de leer der humores genoemd. Het menselijk lichaam zou bestaan uit vier soorten lichaamssappen: slijm, bloed, gele gal en zwarte gal . De fysieke en mentale toestand (het temperament) en ziekteverschijnselen werden verklaard uit het bestaande gehalte aan de verschillende sappen. Een teveel aan slijm (flegma) zou een flegmatisch of kalm temperament tot gevolg hebben; een teveel aan bloed een sanguïnisch of optimistisch, gepassioneerd temperament; een teveel aan gele gal een cholerisch of prikkelbaar, opvliegend temperament; en een teveel aan zwarte gal een melancholisch, depressief temperament. Een onbalans zou behandeld moeten worden met een dieet.
"Ik zie de natuur als een indrukwekkende structuur, waar we maar heel weinig van kunnen begrijpen, en die elk weldenkend mens tot bescheidenheid aanzet"
Albert Einstein
